Vervoerregio's

Ridouani nieuwe politiek voorzitter

Sinds juni 2022 is burgemeester van Leuven Mohamed Ridouani de nieuwe politiek voorzitter van de vervoerregio Leuven en dit tot begin 2025. Hij nam de fakkel over van Hans Eyssen, burgemeester van Holsbeek. Ridouani neemt de rol op zich om de 31 steden en gemeenten van VVR Leuven op één lijn te krijgen en samen de de mobiliteit in de regio duurzamer en veiliger te maken. Lees hier het interview met de nieuwe politiek voorzitter.

  • Hoe kijk je naar je nieuwe rol als politiek voorzitter van de vervoerregio Leuven?

Mohamed Ridouani: “De transitie naar duurzame mobiliteit is één van de grote maatschappelijke uitdagingen waar we voor staan. De 31 steden en gemeenten van onze vervoerregio hebben elk apart al stappen vooruit gezet, maar samen kunnen we meer bereiken. Verplaatsingen stoppen immers niet aan de gemeentegrenzen. Als politiek voorzitter zie ik het als mijn rol om de samenwerking tussen de steden en gemeenten en de betrokken mobiliteitspartners te faciliteren en onze ambities voor een veiligere en duurzame mobiliteit waar te maken.”

"Leuven werd door Europa geselecteerd als één van de 100 mission steden om tegen 2030 klimaatneutraal te worden. Mobiliteit is één van de speerpunten in deze mission en kernpunt hierin is dat we de mobiliteitsuitdaging op regionale schaal moeten aanpakken. Ik kijk dan ook uit naar de samenwerking die we tot stand zullen brengen in heel onze vervoerregio."

  • Waar ligt voor jou de grootste uitdaging binnen de vervoerregio Leuven?

Mohamed Ridouani: “De ambities en doelstellingen die we opgesteld hebben zijn niet min: tegen 2030 willen we dat 40 procent van de verplaatsingen duurzaam gebeurt. Te voet, met de fiets, het openbaar vervoer of via deelwagens en carpooling. Dat zal enkel lukken als we met verenigde krachten actie blijven ondernemen, bijvoorbeeld op vlak van veilige infrastructuur, hoogwaardig openbaar vervoer, en vlotte en veilige fiets- en wandelnetwerken.”

  • Waar lig je wakker van?

Mohamed Ridouani: “Het regionaal mobiliteitsplan uitvoeren zal heel wat investeringen en inspanning vragen. Er is het financiële luik, waarbij overheden en lokale besturen zullen moeten investeren in infrastructuur. Dat is gezien de economische crisis niet vanzelfsprekend. Maar onze regio verdient een inhaalbeweging vanuit Vlaanderen. Daar zal ik mee voor ijveren. Daarnaast vragen we ook een inspanning aan onze inwoners en bezoekers, om hun mobiliteitsgedrag aan te passen. Daarvoor willen we zoveel mogelijk drempels wegnemen, maar opnieuw: dat vraagt middelen.”